Gedaan met laden. U bevindt zich op: Cultuurparticipatie Cultuur en vrije tijd

Cultuurparticipatie

Gepubliceerd op 12 maart 2025 • Volgende update: maart 2026
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Bijna 9 op de 10 participeren aan cultuur

In het najaar van 2024 namen bijna 9 op de 10 inwoners van het Vlaamse Gewest van 18 jaar en ouder deel aan minstens 1 van 11 bevraagde culturele activiteiten (87%). Daarmee ligt dat aandeel op hetzelfde niveau als in 2023. In 2021 lag dat aandeel lager en ging het om 77% van de bevolking.

De totale groep van cultuurparticipanten kan opgedeeld worden in verschillende types van participanten. De ‘kernparticipanten’ participeren dagelijks of wekelijks aan 1 of meer activiteiten of participeren minstens 1 keer per maand aan 2 van de 11 activiteiten. In 2024 was ongeveer 11% van de bevolking een kernparticipant. De ‘belangstellende participanten’ zijn participanten die geen kernparticipant zijn. 76% van de bevolking behoorde in 2024 tot deze groep. Ten slotte zijn er de ‘non-participanten’. Zij namen in het jaar voorafgaand aan de bevraging aan geen enkele culturele activiteit deel. In 2024 ging het om 13% van de bevolking. De toename van de culturele participatie sinds 2021 uit zich zowel in een toename van het aandeel van de kernparticipanten als van de belangstellende participanten. Daardoor is de groep non-participanten kleiner geworden. In 2021 was 23% van de inwoners non-participant, in 2024 was dit nog 13%.

Vergelijkbare cijfers voor de periode voor 2021 zijn niet beschikbaar.

Bezoek aan monument of gebouw meest populaire cultuuractiviteit

66% van de inwoners van het Vlaamse Gewest van 18 jaar en ouder gaven in 2024 aan tijdens het jaar voorafgaand aan de bevraging minstens 1 keer een bezienswaardig monument of gebouw te hebben bezocht. Deze activiteit kent daarmee de hoogste participatiegraad van de 11 bevraagde culturele activiteiten. Ook het bijwonen van een muziekoptreden, -concert of -festival (63%), een bezoek aan een museum, tentoonstelling of galerij (58%) en het bekijken van een film in de bioscoop (53%) waren behoorlijk populair. De participatiegraad was het laagst voor het bijwonen van een circusvoorstelling of een operavoorstelling.

Cultuurparticipatie grootst bij hooggeschoolden en 18- tot 34-jarigen

Naar achtergrondkenmerken zijn er grote verschillen in cultuurparticipatie. Het meest uitgesproken verschil is te vinden naar leeftijd en opleidingsniveau. In de oudste leeftijdsgroep (65-plussers) participeerde 71% in 2024 aan cultuur. Dat aandeel ligt hoger in de jongere leeftijdsgroepen. Bij de 18- tot 34-jarigen gaat het om 97%.

Cultuurparticipatie stijgt met het opleidingsniveau: 72% van de laaggeschoolden deed in 2024 aan cultuurparticipatie. Bij de hooggeschoolden was dat 95%.

Ten slotte zijn er ook naar huishoudtypologie verschillen. Personen die alleen wonen participeren het minst aan cultuur (79%). De participatiegraad ligt het hoogst bij de personen die met kind(eren) en al dan niet met partner wonen en bij personen die bij ouders wonen (91% tot 93%).

Naar urbanisatiegraad en geslacht zijn er geen significante verschillen.

Bronnen